Welkom bij Plantenwandeling !

De flora van de Périgord in het zuid-westen van Frankrijk is rijk en gevarieerd net zoals zijn landschappen. Dat nodigt uit tot allerlei plantaardige ontmoetingen, zoals u kunt zien in dit blog. U vindt hier de portretten van een honderdtal wilde planten die hier groeien. Met de seizoenen mee worden nieuwe soorten toegevoegd.

Corine, botanicus en fotograaf, organiseert voor u wandelingen en andere activiteiten in de natuur rondom flora en vegetatie van de Périgord. Wilt u meer weten? Kijk op www.baladebotanique.fr.

Veel plezier !


N.B.
Met ingang van juni 2020 stopt de nederlandstalige versie van dit blog. De franstalige en engelstalige versies gaan gewoon verder. U kunt ze HIER en HIER vinden.



21 juli 2018

St-Janskruid


Het Sr-Janskruid (Hypericum perforatum) is een echte zomerplant. Zijn gele bloemen zijn nu bijna overal te vinden. Aan de kant van de weg, verruigde plekken, akkers, tuinen, bosranden, zelfs in de stad. Hij heeft green speciale voorkeur voor een soort grond en hij verdraagt de zomerhitte goed.





Soms groeien er maar een paar exemplaren bij elkaar, soms zijn het groepen van honderden planten, zoals hier op een braakliggend stuk land.





Elke bloem heeft vijf gele kroonbladen met in het midden een soort kwast van meeldraden. De rand van de kroonbladen is bezet met zwarte puntjes. Dat zijn klieren, en ze zijn kenmerkend voor leden van de Hertshooifamilie, bijna alle soorten hebben ze. Niet alleen op de kroonbladen maar vaak ook op de groene delen van de plant.





De planten zijn vertakt en elke zijtak draagt bloemen. De bladeren zijn klein en ovaal-langwerpig.





Na de bloei en vruchtzetting verdwijnen de dode stengels niet direct, ze worden donker btuinrood, soms bijna zwart. Mooi, met een beetje nachtvorst!


19 juli 2018

Akkerdistel


Een ochtend in juli, net na zonsopgang, in een braakliggende akker.






De eerste zonnestralen doen de stengels van de Akkerdistel (Cirsium arvense) met hun witte vruchtpluis oplichten. In het veld groeit ook Wolsla (Andryala integrifolia) met kleine gele bloemhoofdjes die nu nog niet open zijn.






Een paar weken terug waren de Akkerdistels nog in volle bloei, een massa lila bloemhoofdjes, met hier en daar wat Wolsla. Akkerdistels zijn vaste planten en als de omstandigheden gunstig zijn kunnen ze zich geweldig uitbreiden. Vruchtbare grond die misschien een jaar geleden geploegd is en niet teveel concurrentie van andere planten. Zo kunnen de planten van vorig jaar zich vermeerderen.







Onderaan de stengel van de Akkerdistel zitten stekelige bladeren, het is een echte distel! Maar bovenaan laat de plant zich beetpakken, onder de ovale bloemhoofdjes zijn er geen stekels. Er komen veel insecten op af. De meest algemene distelsoorten vallen onder twee genera: Cirsium en CarduusCirsium-soorten hebben veervormige haarpluimen op de zaden, elke pluim is vertakt als een vogelveer. Carduus-distels hebben simpele onvertakte haren in hun pluimen. Het is maar een detail, en ook nog moeilijk te zien zonder loep.







Nu is de bloei nagenoeg over, de zaden zijn klaar om weg te drijven op de wind, en de planten sterven in schoonheid.

2 juli 2018

Gewone rolklaver


Wie in de zomer een wandeling maakt komt onvermijdelijk de Gewone rolklaver  (Lotus corniculatus) tegen.





Hier langs de rand van een pad tussen dit jaar onbebouwde akkers.










 
Honderden bloemhoofdjes met gele vlinderbloemen.








 
Overdag zijn de bloemen naar boven gekeerd, maar als het avond wordt draaien ze naar beneden in de slaapstand. Hier, als er nog ochtenddauw op de planten te zien is, zijn ze nog in slaap. Ook de vlieg maakt geen erg wakkere indruk.





De Gewone rolklaver is een erg variabele soort. Er zijn planten met ovale blaadjes en min of meer liggende stengels, en andere met langwerpig blad en opstijgende vertakkingen.



 
Er zijn bijna altijd wel een paar oranje bloemen tussen de gele.







Nu beginnen de vruchten zich te ontwikkelen. Het zijn lange rechte cylindervormige peulen met een soort nageltje aan het eind.





16 juni 2018

Grote keverorchis


Het bos is zwaar en groen na alle regen. In een donkere hoek groeien een paar planten met elk een paar bijna witte bladeren. De Grote keverorchissen (Neottia ovata) zijn nu al bijna aan het eind van hun bloei, en de planten trekken de chlorofyl terug vanuit het blad naar de wortels om het volgend jaar weer te gebruiken.








In het voorjaar komen de nieuwe bladeren boven de grond.








Twee bladen die nog opgerold zijn verschijnen boven de dode bladeren.







Een bloeistengel komt tevoorschijn, de knoppen gaan open en groene bloemen met een lange onderlip worden zichtbaar. Ja, de Grote keverorchis is een orchidee.





Onder het bloemdek met de gespleten onderlip is het begin van de vrucht die zich ontwikkelt te zien.








Hier een groepje in volle bloei. De Grote keverorchis komt veel voor in de streek. Men vindt hem vaak in grote hoeveelheden in een donker bos of bossen met veel ondergroei. Als hij op lichtere plaatsen groeit, zoals bijvoorbeeld een bosrand of open plek, zijn er meestal veel minder exemplaren bij elkaar.


15 juni 2018

Paarse bremraap


Hetzelfde grasland, de achtergrond van de eerste foto van de vorige post. Tussen de gele bloemen van de Paardehoefklaver is een nieuwe Bremraap verschenen, naast een nieuw blad van zijn gastheer.






De Paarse bremraap (Orobanche amethystea) parasiteert op de Echte kruisdistel (Eryngium campestre).


12 juni 2018

Geelhartje


In een bloeiend grasland groeien kleine witte bloempjes tussen de gele Paardehoefklaver (Hippocrepis comosa).







Geelhartje (Linum catharticum) is een soort Vlas met voor Vlas typerende dunne stengels en tegenoverstaande smalle blaadjes. Hij is algemeen in dit soort grasland, vooral op kalkgrond, en bloeit bijna de hele zomer door.






Voor de bloei zijn de bloemsteeltjes naar beneden gebogen, als de bloem zich opent richten ze zich weer op.






Op de knieën en met een loep is hij goed te zien. En dan blijkt hoe mooi hij is.





De vrucht, een bijna ronde capsule die in vijf kleppen openspringt om het zaad los te laten, lijkt erg op de vruchten van andere, grotere, soorten Vlas.




4 juni 2018

Bijenorchis


Ophrysen zijn orchideeën die een list gebruiken om bijen en andere insecten aan te trekken voor hun pollinisatie. De bloem is zodanig gebouwd dat hij op een vrouwelijk insect lijkt, en hij ruikt zelfs als feromonen. De lip is donker, met contrasterende strepen en vlekken, en de kelkbladen zijn groen of gekleurd zoals een bloem.





Dit is de Bijenorchis (Ophrys apifera). In de Dordogne is het de laatstbloeiende Ophrys. Nu bloeit hij overal. Hij heeft drie roze kelkbladen en daarbovenop zit het 'insect' gevormd door de lip, met links en rechts twee harige bultjes die op poten lijken. Twee kleine kroonblaadjes steken aan weerszijden uit als 'antennes'. Ze lijken in onze ogen meer op oortjes, maar een insect kijkt nu eenmaal anders. Het groengele orgaan midden in de bloem is het gymnosteen, een zuiltje van stempel en meeldraden typerend voor orchideeën.

De bloemknop boven is bezig zich te openen, de bruine lip is al te zien. De knop begint op z'n kop, en tijd'ns het openen draait de bloem zich in de juiste positie.






Hier een zijaanzicht. De lip is klaar om een insect te ontvangen, de 'poten' gespreid. Et zijn twee stuifmeelklompjes te zien, elk op een steel waar onderaan een soort lijm zit. Als een insect op de lip landt en in aanraking komt met de stuifmeelklompjes raken deze los en plakken op de kop van het insect, die ze meenemen kan naar een volgende Bijenorchis. Ook zelfbevruchting is mogelijk als het stuifmeelklompje verder neerbuigt tot aan de stempel.

Een ingewikkeld systeem maar blijkbaar werkt het.






Een voorrecht om in zo'n wei te mogen bloeien!