Welkom bij Plantenwandeling !

De flora van de Périgord in het zuid-westen van Frankrijk is rijk en gevarieerd net zoals zijn landschappen. Dat nodigt uit tot allerlei plantaardige ontmoetingen, zoals u kunt zien in dit blog. U vindt hier de portretten van een honderdtal wilde planten die hier groeien. Met de seizoenen mee worden nieuwe soorten toegevoegd.

Corine, botanicus en fotograaf, organiseert voor u wandelingen en andere activiteiten in de natuur rondom flora en vegetatie van de Périgord. Wilt u meer weten? Kijk op www.baladebotanique.fr.

Veel plezier !


N.B.
Met ingang van juni 2020 stopt de nederlandstalige versie van dit blog. De franstalige en engelstalige versies gaan gewoon verder. U kunt ze HIER en HIER vinden.



13 maart 2017

Wrangwortel


De Wrangwortel (Helleborus viridis) is een intens groene wilde variant op de Kerstroos. Hij is diep groen en komt tevoorschijn als de andere planten nog maar nauwelijks blad hebben.






Hij maakt grote groene toefen in het bos aan het eind van de winter.






Ook de bloemen zijn groen, hangende klokjes die tussen en boven de groene handvormige bladeren hangen.





Tien of twintig meeldraden zijn zichtbaar als ze helemaal geopend zijn, met daartussenin een paar wat langere stampers.





De Wrangwortel, hier naast een omgevallen boom in een Haagbeukenbos, lijkt erg op de andere wilde 'Kerstroos', die in de Dordogne groeit, het Stinkend Nieskruid datwat blekere bloemen heeft en een werkelijk vieze geur. De Wrangwortel is minder algemeen dan deze soort, hij komt alleen maar voor beneden in beekdalen onder de bomen, bij voorkeur dicht bij het water.




11 maart 2017

Madeliefje


Nu overal te zien, in ieder grasveld, en ook op andere plekken: het Madeliefje (Bellis perennis).






Kleine stralende zonnetjes, een krans van rose aangelopen straalbloemen met in het midden een hart van gele buisbloemen.






Het bloemhoofdje, één per stengel, is omgeven door een behaard omwindsel.







De stengel komt tevoorschijn uit een klein bladrozet op de grond. Nachtvorst? Geen probleem!







Kou doet er niet toe. De bloem sluit zich simpelweg.








Hier in de laatste stralen van de namiddagzon, al bijna gesloten voor de nacht.




18 februari 2017

Klein kruiskruid


Het is half februari en er zijn planten die al zaad hebben gevormd.






Het Klein kruiskruid (Senecio vulgaris) vertoont al wit vruchtpluis naast gele bloemhoofdjes en bloemknoppen. Het is erg algemeen en bloeit bijna het hele jaar door. Het is te vinden in moestuinen, omgewerkte grond, in de stad, op akkers, in feite overal waar de grond vruchtbaar genoeg is met weinig concurrentie van andere planten. Hier groeit het bovenop een oude vervallen muur bedekt met aarde. Er groeien ook andere kleine voorjaarsbloemen die beginnen te bloeien, de nog gesloten bloemen van de Grote Ereprijs (Veronica persica) zijn te zien als blauwe vlekjes.






In ieder bloemhoofdje bevindt zich een groot aantal buisbloemen die net boven het omwindsel (groen met zwarte punten) uitsteken. De gelobde bladeren hebben omgerolde randen en vaak spinnewebachtige beharing.







Klein Kruiskruid is vergiftig, maar hij is minder gevaarlijk voor het vee dan sommige andere kruiskruiden. Misschien omdat het niet vaak in hooi te vinden is, en omdat dieren in de wei er om heen grazen. Blijkbaar is het niet lekker.



28 januari 2017

Grote klit


Een aanplant van jonge populieren, niet ver van de Dordogne. Op de achtergrond zien we nog een paar blauwe plastic hoezen die de eigenaar heeft gebruikt om zijn boompjes te beschermen tegen vraat door reeën. Aanplant van populieren vernietigt natte zônes die belangrijk zijn voor tal van planten en dieren; waar ze worden geplant verdwijnt de natuurlijke vegetatie die vervangen wordt  door ruderale planten die overal wel willen groeien. Zoals de Grote klit (Arctium lappa) die het hier prima doet. Nou ja, je kunt niet zeggen dat het een lelijke of oninteressante plant is. Hij is majestueus, door zijn imposante formaat van meer dan een meter hoog, en zijn sierlijk afhangende vertakkingen.








Hier, in het winterse landschap, zien we de dode twijgen van de vorige zomer.







De uitgedroogde bloemhoofdjes dragen allemaal kleine haakjes. Zoals bijna alle kinderen weten, kun je die heel goed gebruiken om je klasgenootjes te pesten door ze in hun haar te gooien.



7 januari 2017

Montpellieresdoorn



In dit loofbos in winterse mist hebben alle bomen hun bladeren verloren, behalve een klein eikje. Rechts daarvan raken twee lange dunne stammen elkaar. Dat zijn Montpellieresdoorns (Acer monspessulanum). Die groeien niet overal, maar op bepaalde hellingen op kalkgrond zijn ze nadrukkelijk aanwezig.









Zich vergissen is bijna onmogelijk, niet veel andere bomen produceren dermate veel kleine takjes.











Ze zijn vaak tegenoverstaand en dragen - in andere seizoenen - kleine drielobbige blaadjes.







In april maakt de Montpellieresdoorn hangende trosjes met bloemen en tegelijkertijd ontvouwen zich de nieuwe blaadjes. De bloemen ontvangen frequent insectenbezoek maar bij toeval is op de foto geen enkel insect te zien.





Later vormen zich de gevleugelde vruchten, de samara's. Hier zien we ze na een herfstige regenbui.



3 januari 2017

Rijp



Niets bijzonders, dit hier en daar enigszins verruigde grasland. Maar een ochtend ijzige mist verandert alles.

Rotskortsteel (Brachypodium rupestre) neemt de plaats in van andere grassoorten als de bodem wat rijker wordt aan voedingsstoffen.







Er is overigens geen sprake van 'rotsen' en 'korte stelen', integendeel, het is een hoog gras als het bloeit, en het is niet dol op rotsen. De dode halmen en bladen van afgelopen zomer zijhn nogal kleurig vergeleken met andere grassen, en nu, met een randje rijp, komen ze extra tot hun recht.

De speerdistel (Cirsium vulgare) groeit overal waar een gevallen zaadje vruchtbare en omgewoelde grond vindt, zoals hier, waar wilde zwijnen hebben gewroet.





De verdorde bladeren en bloemhoofdjes zijn nog steeds mooi, zelfs al zijn ze dood.






De zon breekt door de mist.






De Wilde Pastinaak (Pastinaca sativa) is geen verfijnde plant, maar vandaag heeft hij toch een zekere sierlijkheid.







Deze stekelige kronkelaar, een Braam (Rubus fruticosus), neemt een vurige tint aan in het tegenlicht. Dat zal niet lang duren, als de vorst doorzet zal hij winters grauw worden.



7 december 2016

Eikvarens


Een magnifieke varen groeit op de stam van een oude Esdoorn aan de oever van de Dordogne. Het is een Eikvaren, maar welke? Er komen drie soorten voor in de Périgord en een hybride tussen twee van hen. Ze lijken allemaal erg op elkaar. Om zeker te zijn moeten de sores (de dekseltjes van de sporangia) onder een microscoop worden bekeken en de cellen geteld. Maar in het veld heb je meestal geen microscoop bij de hand.






Hybrides zijn soms polyploide - dat wil zeggen dat ze minstens dubbel zoveel chromosomen hebben als hun ouders - en dan kunnen de organen (bladeren, bloemen) veel groter zijn dan bij de ouders. Dit exemplaar is echt groot voor een eikvaren, de bladen zijn tot wel 70 cm lang. Dikke kans dat het een Bastaardeikvaren (Polypodium x mantoniae) is.






Hij heeft ook andere kenmerken van de beide veronderstelde ouders. De grote bladen zijn langwerpige driehoeken met getande deelblaadjes zoals bij de Brede eikvaren (Polypodium interjectum). En die deelblaadjes hangen een beetje maar bevinden zich allemaal in één vlak zoals bij de Gewone eikvaren(Polypodium vulgare).


In deze omgevallen boom, een flatgebouw met meer etages, woont een van de ouders, de Gewone eikvaren.






Ze zijn niet groot, en de bladen zijn langwerpig met parallelle randen, niet driehoekig.








Vaak groeit de Eikvaren op een boom, maar hij is ook op de grond te vinden. Of groeit hiuj hier misschien op een dode boomstronk verstopt onder gevallen blad? Mogelijk is dit een Brede eikvaren (Polypodium interjectum) gezien de kenmerken van het blad, min of meer driehoekig met opgerichte onderste deelblaadjes. Maar het is een gok!