Welkom bij Plantenwandeling !

De flora van de Périgord in het zuid-westen van Frankrijk is rijk en gevarieerd net zoals zijn landschappen. Dat nodigt uit tot allerlei plantaardige ontmoetingen, zoals u kunt zien in dit blog. U vindt hier de portretten van een honderdtal wilde planten die hier groeien. Met de seizoenen mee worden nieuwe soorten toegevoegd.

Corine, botanicus en fotograaf, organiseert voor u wandelingen en andere activiteiten in de natuur rondom flora en vegetatie van de Périgord. Wilt u meer weten? Kijk op www.baladebotanique.fr.

Veel plezier !


N.B.
Met ingang van juni 2020 stopt de nederlandstalige versie van dit blog. De franstalige en engelstalige versies gaan gewoon verder. U kunt ze HIER en HIER vinden.



7 maart 2014

Grauwe wilg


In maart is deze grote struik van verre zichtbaar. Voordat de bladeren zich ontwikkelen tooit de Grauwe wilg (Salix atrocinerea) zich met een massa gele katjes. Zoals veel Wilgen heeft de Grauwe wilg het hele jaar door voldoende water nodig om te groeien. Hij is dus te vinden in de buurt van een beek, een moerassig bos of een veenmoeras.



Dit zijn de katjes aan een mannelijke boom.


20 februari 2014

Groot leermos


Ondanks zijn naam is dit geen mos maar een korstmos Het Groot leermos (Peltigera canina) is een samenlevingsverband van een schimmel en een alg, in dit geval een blauwwier. Hij groeit in bvossen tussen het mos of op een verrotte boomstronk. Leermossen houden niet van droogte, in de zomer schrompelen ze ineen tot grijzige vodjes. Maar in de winter, als het veel regent, bloeien ze op en vertonen heldere contrasterende kleuren.






Het grijszwarte 'blad' is de thallus, een conglomeraat van schimmel-mycelium en blauwwieren aan de oppervlakte die aan het zonlicht is blootgesteld.  Op deze thallus groeien de rossige apotheciën die de sporen van de schimmel produceren.

22 januari 2014

Klimop


Een rij populieren onder een grauwe winterhemel. De stammen zijn overgroeid met Klimop (Hedera helix).




Klimop groeit over de grond of klimt in bomen (of een ander object). Met kleine hechtwortelshoudt hij zich vast aan de boomschors. De boom heeft er weinig last van want de Klimop is geen parasiet. Alleen als de Klimop te groot en te zwaar wordt kunnen takken breken, of komt er niet genoeg licht bij de bladeren van de boom.




Aan het einde van de herfst is er weinig te eten voor insecten. Als in november de Klimop bloeit, met een overvloed aan kleine geelgroene bloemetjes rijk aan nectar, komen de laatste bijen en zweefvliegen er op af.




Na de bloei komen er bessen. Nu zijn ze nog groen maar in de loop van de winter worden ze zwart. De takken met bloemen en bessen klimmen en kruipen niet maar staan rechtop. De bladeren aan deze vruchtbare takken zijn ruitvormig.




De bladeren aan de kruipende vegetatieve takken zien er anders uit. Ze zijn drie tot vijfvoudig gelobd met lichtere nerven. In koude perioden in de winter zijn ze vaak rood aangelopen.



9 januari 2014

Klein kroos


Klein kroos (Lemna minor) is een plant van stilstaand water. In de zomer kan ze de hele oppervlakte van een meertje of poel bedekken. In de winter is ze ook te vinden maar in kleinere hoeveelheden.





Ze drijft op het water dank zij kleine ronde bladen met luchtkamertjes. Een simpele constructie: een drijvend blad van een paar millimeter doorsnede waaronder kleine worteltjes hangen. In de tropen bloeit de plant soms, maar in een gematigd klimaat zoals hier in Frankrijk zijn er praktisch nooit bloemen. Desondanks is de plant uitstekend in staat zich te vermenigvuldigen, met knoppen.

24 september 2013

Echt bitterkruid


Een paar spinnewebben, een rij gele bloemen.


Een voormalig bouwland doorspikkeld met wit en geel, nu overal te vinden. Twee doodgewone planten die van het eind van de zomer tot de eerste nachtvorst en zelfs daarna bloeien.













Tussen de witte bloemschermen ven de Wilde peen (Daucus carota) komen de gele bloemhoofdjes van het Echt bitterkruid (Picris hieracioides) tevoorschijn.














De gele bloemen zijn paardebloemachtig, samengesteld uit enige tientallen smalle lintbloemen.
 














Net zoals bij de paardebloem draagt ieder rijp zaad een pluisje om zich op de wind te verplaatsen.


25 augustus 2013

Trosgamander


Sinds enige tijd is dit veld vol Wilde peen een truffelveld. Afgelopen winter heeft de boer jonge eikjes geplant die geënt zijn met het mycelium van de kostelijke paddestoel. Om de jonge boompjes te beschermen tegen hongerige reeën heeft hij er een plastic net omheen gedaan. Toen de Périgord nog een land van wijnboeren was, stonden er wijnstokken op dit veld, en daarna werd er tot in de 70er en 80er jaren van de vorige eeuw tabak verbouwd. En sindsdien werd het niet meer bebouwd en namen jeneverbessen de plaats in van landbouwgewassen.



De boer heeft opgeruimd en geploegd en daarmee kwamen zaden die jarenlang in de grond hebben gerust weer boven. Het zijn de zaden van 'onkruiden' die indertijd in de wijngaard en tussen de tabak groeiden, soms soorten die nu zeldzaam zijn geworden. Nu vinden ze een bodem die los genoeg is om te kunnen kiemen.










Zo komt het dat er bijzondere akkeronkruiden groeien in dit nieuwe truffelveld! Bijvoorbeeld deze Trosgamander (Teucrium botrys) met diep ingesneden en een beetje fluwelige bladeren.














Net zoals de andere Gamander heeft deze geen bovenlip en steken de meeldraden boven de bloem uit.


24 augustus 2013

Echte gamander


Lange zomerweken zonder regen maken dat droge graslanden en open plekken er uitzien alsof ze verbrand zijn. Bijna geen groen blaadje te zien. De Echte gamander (Teucrium chamaedrys) is aan droogtre gewend, hij groeit bij voorkeur op een zonnige plek op droge kalkgrond die het regenwater niet vasthoudt. Hij is bijna uitgebloeid, alleen de droge bruine bloemkelken zitten nog aan de plant.






















Maar bij goed zoeken zijn nog een paar rose bloemen te vinden. De bloem heeft geen bovenlip, de meeldraden steken zomaar naar buiten. De kleine blaadjes lijken op gestileerde eikenbladeren in miniatuur.